Timmermansoog

17 januari 2018 – De redactie van Architectenweb nodigde mij uit een maandelijkse column te schrijven voor hun website. Die gaat verschijnen onder de titel Het Timmermansoog. Ik vind dat een mooie term. Het staat voor een gevoel voor maat en verhoudingen dat in mijn beroep nodig is, net zoals een absoluut gehoor voor een musicus handig is. De titel suggereert het perspectief waarmee ik deze columns wil schrijven. Ik benader de actualiteit in binnen- en buitenland vanuit de alledaagse ontwerppraktijk.

De titel heeft ook een persoonlijke betekenis. Mijn grootvader was een begaafde timmerman. Voor de Tweede Wereldoorlog timmerde hij scheepshutten in de Rotterdamse haven. Als vakbondsman maakte hij na de oorlog een reis naar de VS en sliep in een hut die hij zelf had getimmerd. Trots schreef hij naar huis dat er na 25 jaar nog geen verstek open stond.

Vergeefs heeft hij geprobeerd om mij te leren timmeren. Wel slaagde hij erin om mij te leren anticiperen op de eigenschappen van het materiaal waar je mee werkt en om je gereedschap te koesteren. Als bejaarde man liet hij mij de beitels zien die hij als tiener had gekocht. Door ze steeds te slijpen waren de beitels nog maar een kwart zo lang als toen hij ze kreeg. Nauwkeurig vette hij ze opnieuw in en wikkelde ze in krantenpapier alvorens hij ze weghing.

Mijn vader was bouwkundig ingenieur die zijn roeping als ontwerper helaas niet kon waarmaken. Hij kon prachtig tekenen. Hij bleef zich altijd verbonden voelen met de timmermans- en molenbouwerstraditie van zijn familie die zou teruggaan tot de 17e eeuwse uitvinder Jan van der Heyden. Ik heb geen idee of dat klopt.

Mijn zoon Sam studeert dit jaar af als productontwerper. Ook hij kan goed tekenen. Sam houdt van kleine, perfecte dingen. De tunnelbekisting en de gestandaardiseerde kozijnprofielen waar ik in gedachten mee werk zijn hem te ruw. Toen hij een stalen tafelonderstel voor mij in elkaar laste, herkende ik de rustige, overwogen manier van werken van mijn grootvader. Als Sam hout bewerkt, dan gebruikt hij de computer die digitaal gereedschap aanstuurt. Toch blijft ook hij anticiperen op de eigenschappen van hout, staal en kunststof. Door de generaties heen blijven eenvoudige regels van kracht. Je schroeft niet in kops hout.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog maakte Karel van Veen een schilderij van zijn vriend, mijn grootvader. Het hangt nu op mijn kantoor. De timmermansogen van mijn grootvader kijken naar de computers waar wij ons werk doen. Toen mijn vader het portret kort voor zijn dood aan mij schonk, heb ik met hem afgesproken dat ik het later aan Sam doorgeef.

Het Timmermansoog #1 met de titel Bajespuin staat nu online.